Ian Skirvin over alledaagse situaties in zijn absurdistisch universum

Ian Skirvin Foto: Ian Skirvin

Ian Skirvin is in 2018 afgestudeerd aan het AKV|St. Joost Breda. Het eeuwige dilemma tussen neuriën en brullen in De Fabriek in Eindhoven, is de volgende plek waar zijn werk vanaf 26 april te zien zal zijn.

Toe-eigenen, indringen en bewonen leggen de fundering van mijn werk. De vorm die mijn werk aanneemt wordt bepaald door de context waartoe ik me verhoud zoals een expositieruimte, publieke ruimte, historische lading, etc. In De Fabriek in Eindhoven gebruikte ik eens een opslagruimte om het werk ‘Passantenkamer’ te maken. Hier overnachtte ik twee weken in om vervolgens tijdens de expositie mensen erin op te sluiten. De toeschouwer kon via een glazen deur naar deze passant kijken en zelf het licht harder en zachter zetten. Uiteindelijk heb ik een driejarig meisje in deze ruimte geplaatst om te kijken hoe de toeschouwers hier mee om zouden gaan.”

 

 

Voor mijn afstuderen heb ik meerdere werken getoond waaronder twee sculpturen ‘Present (waiting), Present (watching)’ waarin mensen de rol van een heremietkreeft opgelegd kregen. Ze droegen als huid een oude tent, zo’n grote, die naar zomer en schimmel ruikt. Daaroverheen een keramieken harnas van 10 kilo die met spanbanden om hun lichaam gespannen was en armen van beton.”

 

 

“Ik onderzoek de manier waarop ik, de toeschouwer en het werk op elkaar reageren waarin alledaagse situaties in een absurdistisch universum zijn geslingerd. Daarin, soms aanwezig en andere keren onzichtbaar, speel ik de rol van regisseur en ik situaties aandien waar de toeschouwer op mag reageren. De keuzes van de toeschouwer bepalen in sommige gevallen de uitkomst van het werk. Commando’s in de vorm van briefjes die je krijgt bij binnenkomst “speel voetbal” of “kijk iemand aan en fluister in het oor dat je het wel gezien hebt” zijn een paar voorbeelden van talloze commando’s die ik gebruikt heb om een scene te laten ontstaan waarvan de uitkomst onvoorspelbaar is en volledig in dienst staat van de bereidheid van de toeschouwer om mee te doen.”